Waarom doen we het?
"Twee eeuwen lang hebben we gedacht dat vrijheid de vrucht is van de politiek en dat de politiek de vorm van vrijheid bepaalt. We wilden burgers zijn. Maar tegenwoordig is burgerschap niet meer dan een praktisch middel waarvan we ons bedienen om onvrede over de leiders te uiten. We hebben de basis verloren waarop onze waardigheid van vrije mensen berustte: het verlangen om een politiek lichaam te vormen. De gevolgen van dit verlies zijn veel subtieler dan die van de oude vormen van tirannie en geven ons het gevoel dat we langzaam, pijnloos en onherstelbaar leegbloeden." (JM Guˇhenno, Het einde van de democratie, 119, 120)

(Mak, na een beschrijving over een bijeenkomst op de Uva met zestig studenten en docenten)
... Hun vragen: zonder uitzondering slim, doordacht, raak. Hun docenten kwam je zelden of nooit tegen in het praatcircuit. Het waren vaak stille mensen, onderzoekers van internationale faam die alles wisten van integratieprocessen, die al jarenlang de aanpassing van moslims aan de Nederlandse cultuur hadden gevolgd, die enqueteerden, websites volgden en statistieken analyseerden. Ja, dit bestond ook nog allemaal in Nederland, al moest je er op dat moment naar zoeken. Dit waren de werkelijke specialisten, en dat was een volstrekt ander circuit dan de paar goed gebekte deskundigen die dagelijks over het scherm paradeerden. Hier werd intens geluisterd en nagedacht, hier werden ervaringen uitgewisseld en onderzoeksresultaten vergeleken, hier bestond een vanzelfsprekend respect voor de opponent, hier werd nooit en nimmer op de man gespeeld. Hier vond, kortom, de genuanceerde discussie plaats zoals die in ieder fatsoenlijk land tijdens een dergelijke crisis tussen intellectuelen hoort plaats te vinden, een vorm van beschaving die een deel van Nederland op een of andere manier was kwijtgeraakt. (Geert Mak, Gedoemd tot Kwetsbaarheid, 2005, p.21)

En uiteindelijk zullen we naar de bron moeten: de ontworteling, de vernedering, de almaar toenemende woede van de niet-westerse wereld. (Geert Mak, Gedoemd tot Kwetsbaarheid, 2005, p.93)

(Die laatste regel is overigens ook van toepassing op onszelf, met verandering van een woord: de ontworteling, de verveling, de almaar toenemende woede van de westerse wereld. HE)